De DRS van het menselijk lichaam
Bronchiectasie, bronchitis, ziekte van Caroli, cholangitis, mega ureter, urineweginfectie.
De DRS (Drag Reduction System) is een “Technisch Speciaalprogramma” op een F1 wagen. Door de flap op de achtervleugel te openen neemt de weerstand af, waardoor de topsnelheid van de wagen toeneemt, om zo de tegenstander alsnog te kunnen inhalen. Het knopje van de DRS zit op het stuurwiel.
Verschillende organen van het menselijk lichaam hebben ook een “DRS”. Door de doorgang van of naar die organen te verwijden nemen de prestaties van dat orgaan toe, om het individu te helpen bij dramatische, onvoorziene en isolatief beleefde vormen van stress. De knopjes van die Biologische Speciaalprogramma’s bevinden zich allemaal in de hersenschors.
De DRS van de luchtwegen gaat bv. aanstaan bij een territoriumangst*. Op dat moment trekt het slijmvlies van de bronchiën zich terug, waardoor het lumen wijder wordt, om meer zuurstof te kunnen aanvoeren naar de longen, om beter te kunnen vechten of vluchten. In dat stadium noemt de longarts dat bronchiëctasieën. Als de DRS weer uit gaat herstelt het slijmvlies zich, dat noemen we bronchitis. De DRS van de galwegen noemt de hepatoloog de ziekte van Caroli. Met een wijdere doorgang kan meer gal worden aangevoerd naar de dunne darm, wat de spijsvertering bevordert, om nog meer energie op te kunnen wekken, bij een territoriumergernis*. De herstelfase daarvan noemt men cholangitis. Een verwijde urineleider diagnosticeert de uroloog als mega ureter. Nu kan er meer urine door, om beter te kunnen plassen, om zijn of haar grenzen nog beter te kunnen markeren, omdat iemand anders die steeds met voeten treedt, wat we in de Germaanse geneeskunde een territorium–markeringsconflict noemen. Het terugkeren naar de fabrieksinstellingen daarvan – lees: ontsteking – wordt geduid als een “urineweginfectie”.
Omdat de stress bij mensen vaak veel langer duurt dan in de dierenwereld staat het DRS ook onnatuurlijk lang aan. Het lichaam doet dan veel aanpassingen en dat kan gevaarlijk zijn. Daarom moet een arts soms helpen bij het herstel. Maar nu weten we in ieder geval wat de oorzaak is en kunnen we onze levensstijl aanpassen. En als dan een keer de DRS aan moet, omdat we iemand móeten inhalen, dan weten we nu waarom het lichaam dit doet, wat daarvan de bedoeling is (jou helpen!) en hoe je de DRS weer uitzet. Zo leren we die schakelaartjes bedienen.
* afhankelijk van geslacht, biologische handigheid en hormoonstatus